elmagoesnuts

Van NOOT naar deugd. Hier vind je mijn walnootrecepten en avonturen rondom het kweken, oogsten, kraken en bereiden van walnoten. Veel lees- en kookplezier!

Archief voor de tag “Italiaans”

Walnotensemifreddo

Een lekker nagerecht voor de Paasbrunch of bij de koffie, dat je nu alvast kunt maken: handig! Het is geen echte semifreddo, maar daardoor wel geschikt voor mensen die geen rauwe eieren mogen eten, zoals jonge kinderen. En aangezien die wel van zoet houden… De mascarpone zorgt voor extra romigheid die je normaal krijgt door het eigeel en de chocolade… hoef ik niet uit te leggen, toch? Fijne Paasdagen!IMG_8519

Ingrediënten (8 personen)

  • 100 g gepelde walnoten in kleine stukjes
  • 250 g mascarpone
  • 80 g pure chocolade, grof gehakt
  • 6 grote dadels, in stukjes
  • 600 ml slagroom
  • merg van 1 vanillestokje
  • 5 el suiker
  • 8 citroen- of vanilleschuimpjes, grof verkruimeld

Bereiding

  1. kerstnotenuitgespreidRooster de walnoten licht in een droge (grill)pan op of de bakplaat. Ik heb ze pas na het roosteren in stukjes gebroken – gaat lekker gemakkelijk dan. Schud alle, bitter smakende, losse velletjes eraf in een zeef.
  2. Roer de mascarpone los in een grote kom.
  3. Meng de gehakte chocolade, walnoten en dadels er goed doorheen.
  4. Klop de slagroom stijf en luchtig met vanillemerg en suiker.
  5. Spatel eerst de vanilleslagroom en daarna de schuimpjes luchtig door het mascarponemengsel.IMG_8515
  6. Schep het room-mascarponemengsel in een cakevorm van ca. 23 cm. en zet de semifreddo minstens 4 uur in de vriezer om op te stijven.
  7. Semifreddo betekent halfbevroren ijs, dus zo dien je hem ook op. Haal je dessert ongeveer 15 minuten voor serveren uit de vriezer, of  eerder als je de semifreddo langer van tevoren maakt, zie ook tip.
  8. Verkruimel net voor serveren nog wat overgebleven schuimpjes over het dessert of kies voor wat verkruimelde (en eventueel gekaramelliseerde) walnoot of misschien wel allebei.

Tip

  • Als je dit gerecht net als ik van tevoren klaar maakt en niet alles in één keer zult gebruiken, haal het dan na ca. 3,5 uur uit de vriezer en snijd het vast in plakken of door de helft, zodat je voor gebruik alleen het deel hoeft te ontdooien dat je nodig hebt. Zet de semifreddo dan zeker 1 uur van tevoren in de koelkast, zodat je goed kunt controleren of hij voldoende zacht wordt. Je kunt ook de bordjes waarop je de semifreddo serveert warm klaarzetten en dan de koude semifreddo met een heet mes snijden en vrij snel zó uit de vriezer serveren, heb ik gemerkt.
  • Als je de cakevorm bekleed met bakpapier, kun je dat mooi gebruiken om de bovenkant dicht te vouwen.

Venkelsalade met sinaasappel en walnoten

 

img_2978Er staan nog maar weinig voorgerechten op dit blog vol recepten met walnoten, terwijl ik de noten best vaak in voorgerechten gebruik, vaak ter decoratie. In deze frisse Italiaanse salade is het walnoot een van de hoofdingrediënten voor de smaak, dus niet alleen ter decoratie.  Ik at deze salade voor het eerst bij Jamie’s Italian in Liverpool, samen met een vriendin. Die vriendin herinnerde mij onlangs weer aan deze salade, die zij regelmatig maakt voor gasten. Nu is het recept dan eindelijk aan de collectie walnotenrecepten toegevoegd, nadat we er eerst weer van gesmuld hebben hier. Misschien lijkt dit op het eerste gezicht een erg zomers gerecht, maar wij aten het gisteren met een gestoofd sukadelapje erbij… heerlijk!

Ingrediënten

  • 2 venkelknollen
  • 3 sinaasappels (liever geen navels)(let op: gebruik 1 helft voor sap!)
  • ca. 16 walnoten
  • ca. 4 el. walnotenolie
  • ca. 2 el. frambozenazijn
  • sap van halve sinaasappel
  • evt. mosterd naar smaak
  • peper, zout naar smaak
  • evt. rode peper (zie tip)

Bereidingvenkelsalade

  1. Dop de walnoten en rooster ze in een droge grillpan of in de oven tot ze verkleuren en lekker geuren.
  2. Maak de venkel schoon door het kontje te verwijderen en een stukje van de stelen. Bewaar het loof om het gerecht straks af te maken (mijn venkel had dit keer helaas maar een ieniemienie beetje groen)!
  3. Gebruik een groentenschaaf of mandoline om de venkel in mooie, dunne plakjes te snijden. Als je venkel rauw eet, is het lekkerder om hem zo dun mogelijk te snijden. Afhankelijk van de grootte van de venkel kun je hem als geheel schaven, anders snijd je hem eerst middendoor.
  4. Schil twee van de drie sinaasappels en snijd de partjes tussen de velletjes uit.
  5. Maak de vinaigrette. Pers de helft van de derde sinaasappel uit in een maatbeker en voeg de frambozenazijn, evt. wat mosterd en peper en zout toe. Klop de vinaigrette en klop als laatste de walnotenolie toe die het geheel bindt. Gebruik de andere helft van de derde sinaasappel als extra decoratie, met of zonder schil. Op de foto hieronder zie je bijvoorbeeld een schijfje in het midden met daarop enkele reepjes van de steel van de venkel en een walnoot. Op de foto van de grote schaal heb ik de sinaasappels in plakken gesneden – een mooi bijgerecht voor buffet of barbecue.
  6. Maak de borden op door eerst de venkel over de borden te verdelen. Drapeer de sinaasappelstukjes en overheen en verdeel de dressing over de vier borden.
  7. Bestrooi het gerecht met walnootstukjes, eventueel fijngesneden rode peper en garneer met een toefje (of in mijn geval enkele magere snippers) venkelgroen.

Tips

img_2982

Voor de foto hierboven heb ik de walnoten heel gelaten en de sinaasappelstukjes in mooie partjes en een schijf gesneden. Voor de smaak is het echter veel lekkerder om kleinere walnootstukjes te maken en de sinaasappels in halve partjes. Zo proef je bij elke hap de supercombinatie van venkel, sinaasappel en walnoot, ondersteund door de frisse en notige dressing. Ga dus voor jezelf niet voor mooi maar voor lekker bij elke hap!

Rode walnoten (Red Danube) zijn qua kleur extra mooi in dit gerecht: lichtgroene venkel, oranje sinaasappels en dan die speciale rode walnoot. In plaats van zwarte peper kun je ook een rode peper in reepjes gebruiken. Als je dan geen rode walnoot hebt, heb je toch een mooie rode en oranje combinatie.

Je kunt dit gerecht eenvoudig voorbereiden en net voor serveren op de borden opmaken, maar het is ook wel een gezellig gerecht om in de woonkeuken te maken waar de gasten bij zijn. Het is eenvoudig en snel klaar, terwijl het wel echt een lust voor het oog en een ware smaaksensatie is.

Wil je iets meer weten over de geneeskracht van venkel (en een kleine waarschuwing)? Klik dan hier.

Focaccia met walnoot en rode ui

img_0261

Het laatste recept van dit kalenderjaar, speciaal voor de feestdagen, maar ook lekker aankomende zomer bij de barbecue. Voor dit recept zou je eigenlijk de mooie rode walnoot (Red Danube / Roter Donau) moeten gebruiken, omdat die kleur mooi combineert met de rode ui. Omdat die wat lastig verkrijgbaar is, heb ik de focaccia met gewone walnoten gemaakt, maar als je wel rode walnoten hebt: gebruiken! Het is een feestelijk brood dat je aan een groot gezelschap op een plank op tafel serveert en waar iedereen graag van snoept: ideaal voor Kerst, oudjaar of de Nieuwjaarsborrel. Trek wel even tijd uit voor het deeg, dat minimaal 2 uur, maar liefst drie uur, totaal moet rijzen! Het deeg is wel eenvoudig om te maken en heerlijk soepel. Na het rijzen hoeft het niet meer gekneed te worden, het mag zelfs niet, omdat je dan de lucht eruit knijpt. Slow baking dus, ideaal voor de vrije decemberdagen.

Ingrediënten

  • 2 grote rode uienIMG_0253
  • olijfolie (om in te vetten en te besprenkelen)
  • (versgemalen) zeezout (maar kan ook prima zonder!) en versgemalen peper
  • 150 g blauwe kaas (ik gebruikte Stilton voor de foto’s – pittig!)
  • 50 g walnoten (evt. rode walnoot)
  • paar takjes verse tijmIMG_0284

Deeg:

  • 500 g bloem
  • 1 tl droge gist
  • 10 g fijn zeezout
  • 3 el extra virgin olijfolie
  • 350 ml warm water
  • maismeel of griesmeel om te bestuiven (optioneel)

Bereiding

  1. Meng de bloem, het gist en het zout voor het deeg in een kom. Voeg de olie en het water toe en mix tot je een grof deeg hebt. Het is zacht en enigszins nat.
  2. Mix het deeg nu met een mixer of met de hand op een bestoven werkblad, ongeveer 10 minuten, probeer zo min mogelijk bloem bij te voegen, alleen als het deeg te nat blijft! Kneed of mix tot het een mooi, glad deeg is.
  3. Doe het deeg in een kom die je licht geolied hebt, dek af met folie en laat het deeg tenminste een uur, maar eerder twee uur tot dubbele hoeveelheid rijzen.
  4. Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.
  5. Snijd beide uien in 8 parten, maar laat ze bij de wortel aan elkaar zitten. Doe ze in een ovenschaaltje met wat olie en wat zout en peper. Rooster de uien een half uur goed afgesloten onder aluminiumfolie en daarna nog 15 minuten zonder folie, zodat ze mooi kunnen karamelliseren. Je hebt nu twee prachtige, rode uienroosjes!
  6. Vet nu een lage ovenschaal (ca. 22 x 30 cm.) in een strooi wat maismeel over de bodem voor een mooie krokante onderkant aan je brood.
    IMG_0256

    klaar voor de oven

  7. Kiep het deeg zo om in de schaal, en kneed niet want dan gaat de lucht eruit. Druk het deeg alleen even licht aan met je vingertoppen, zodat het helemaal over de schaal verdeeld is.
  8. Verdeel de ui in parten over het deeg, grote brokken blauwe kaas, de walnoten in stukjes en de takjes tijm. Druk de topping licht aan. Je kunt er ook voor kiezen de mooie uienroosjes in hun geheel op het brood te plaatsen, heel decoratief met de rode walnoten!
  9. Dek het deeg af met een theedoek en laat het nog een uur, maximaal een uur, staan zodat het nog meer rijst en er luchtig uitziet. Mocht je dit vergeten, is dat overigens geen grote ramp, zeker als het deeg al ruim 2 uur gerezen had. Het is mij ook gebeurd en het brood was prima en heerlijk!
  10. Verwarm ondertussen de oven op 220 graden Celsius en bak de focaccia 10 minuten op 220 graden, zet daarna de oven terug naar 190 graden en bak nog 15-20 minuten, tot hij goudbruin is.
  11. Besprenkel het brood met wat olijfolie en laat hem op een rek even rusten, maar serveer en eet hem wel warm!
    IMG_0263
  • Smakelijke feestdagen!
  • Ravioli gevuld met walnootcreme

    raviolibordalleenZo af en toe komt de pastamachine uit de kelder om de lekkerste pasta zelf te maken. Zeker als onze krielkipjes weer eitjes leggen, maak ik graag verse pasta. Het speciale opzetstuk voor ravioli had ik alleen nog steeds niet gebruikt… tot ik dit recept voor het eerst maakte. Als je niet zo’n opzetstuk hebt, kun je de ravioli ook gewoon uitsteken met een vormpje of ring. Er zijn ook van die plastic uitstekers die je meteen met de vulling kunt dichtknijpen, zie fotoravioli_vormpje. Deze laatste is ook het meest geschikt voor deze vulling met noten, omdat de stukjes noot zich met de machine niet zo goed verdeelden (zie poging tot goed gevulde kleine ravioli’s op de fotocollage hieronder). De vulling van deze ravioli is eenvoudig en het is vooral de combinatie met de geurige salie die tot dit een smakelijk en geurig gerecht maakt. Ik vind het een ideaal voor- of tussengerecht, hoewel het lekker genoeg is om met z’n tweeën als hoofdgerecht te eten. De hoeveelheden zijn voor 4 personen als lunchgerecht met salade of als tussengerecht (il primo).

    Ingrediënten
    Voor de pasta:ravioli_pastamaken_collage

    • 2 eieren (3 à 4 krieleieren)
    • 200 gr bloem of durum tarwe / grano duro (die laatste geeft een wat taaier deeg)
    • ca. 1 tl olijfolie
    • 2 (kruiden/groenten-) bouillonblokjes

    Voor de vulling:

    • 125 gr walnoten
    • 125 gr pecorino of parmezano
    • peper
    • ca. 30-50 ml. (soya) roomraviolionderdelen_collage

    Voor over de pasta:

    • 6 mooie ronde blaadjes verse salie
    • 1 teen knoflook (of een half bolletje Chinese knoflook)
    • ca10 zwarte peperkorrelsravioliomaken_collage
    • 1 tl grof zeezout
    • 50 gr boter of 50 ml olijfolie

    Bereiding

    1. Doe de bloem in een wijde kom en maak een kuiltje in het midden. Breek daar de eieren in en roer ze langzaam door de bloem. Kneed een mooie, samenhangende bol deeg. Dit duurt even en is zeker bij de durum tarwe belangrijk! Als gewone bloem gebruikt, kun je de olijfolie gemakkelijk weglaten.
    2. Rol de bol in plastic folie en houdt minstens 30 min. koel in de koelkast.
    3. Maak ondertussen de vulling en salieboter/olie: kraak de noten en hak ze in kleine stukjes, bijv. met een deegroller. Rasp de kaas, dat is veel lekkerder dan geraspt kopen, je zult het wel ruiken!
    4. Meng de noten met geraspte pecorino, peper en zo min mogelijk room. Houd het mengsel zo dik als zalf of Hüttenkäse.
    5. Kneus de salie in de vijzel met knoflook en wat peperbolletjes en grof zeezout. Meng dit door de boter of olie. Hoe langer van tevoren je dit doet, hoe beter de boter of olie van smaak is! Het voordeel van olie is dat dit gemakkelijker te verdelen is over de gekookte pasta.
    6. Verdeel het deeg in kleine porties, ca 6, en werk elk stuk als een plat plakje door de pastamachine. Mijn machine heeft 6 standen en ik draai altijd als laatste op stand 5 het deeg eruit. Zonder opzetstuk op de machine, leg je nu het uitgedraaide deeg op je werkblad, steekt rondjes uit, legt hoopjes walnotencreme in het midden, maakt de randjes vochtig met water en vouwt de ravioli’s dicht. Goed aandrukken, bijv. met een vork, zodat de ravioli’s niet gaan lekken bij het koken!
    7. Met mijn opzetstuk op de pastamachine, leg ik een lap deeg met het midden in de vorm, leg op elk raviolivakje een hoopje vulling, sla het deeg eroverheen en draai de pastamachine die dan de ravioli’s dichtdrukt. Ik blijf vulling voeren totdat ik aan het eind van de lap deeg ben. De pastamachine knijpt het deeg supergoed dicht en je hebt geen water nodig voor de randjes.
    8. Breng een grote pan water met 2 (kruiden/groenten-)bouillonblokjes aan de kook en verwarm de borden voor. De eters zitten aan tafel, klaar voor de aanval, zoals het hoort met pasta.
    9. Kook de pasta in enkele minuten, max. 5 min., beetgaar. Serveer meteen op voorverwarmde borden, verdeel wat salieboter of olie over de pasta en garneer met nog wat salie en / of wat geschaafde pecorino. De geur doet je meteen aanvallen!

    raviliobordTip

    Deze pasta smaakt erg lekker met een mooie rosé.

    Als ‘alleenstaand’ voorgerecht heb je voor ieder slechts 3 grote ravioli’s nodig, als je dezelfde maat deegklem als ik gebruikt. Op die manier kun je voor 6 personen dit gerecht als voorgerecht maken.

    Italiaanse kabeljauw

    Dit gerecht maakte ik voor het eerst met een collega als onderdeel van een 5-gangen Italiaanse maaltijd. Het is, zoals alle goede Italiaanse gerechten, kinderlijk eenvoudig en slaagt altijd als je de juiste ingrediënten gebruikt. Dit recept komt uit een klein Italiaans kookboekje met erg goede recepten dat ik eens kreeg: Kookgids Italiaans, Penny Stephens. In dit geval heb ik de hoeveelheid citroen met de helft verminderd, omdat die smaak anders snel overheerst. De dressing serveer ik apart, omdat de vis zonder ook al heel erg lekker is. Het ligt eraan waarmee je de vis verder combineert of de dressing echt nodig is. Experimenteer hier dus gewoon mee. Het handige van dit recept is dat je zowel de vis als de dressing van tevoren kunt maken, zodat je met gasten de schaal alleen nog in de oven hoeft te schuiven en gezellig een aperitiefje kunt drinken.

    kabeljauw_voorIngrediënten

    • 4 kabeljauwfilets
    • 50 gr volkoren broodkruim
    • 25 gr gehakte walnoten
    • 2 takjes rozemarijn
    • 2 el gehakte, platte peterselie
    • 1 teen knoflook
    • 3 el walnotenolie
    • 1 klein Spaans pepertje
    • 25 gr boter
    • 1 citroen

    Bereiding

    1. kabeljauw_kruimlaagjeSmelt de boter. Haal de pan van het vuur en doe het broodkruim, de walnoten, citroenrasp, het sap van een halve citroen en de helft van de kruiden erin. Schep het mengsel goed door.
    2. Leg de kabeljauwfilets in een ingevette ovenschaal en bedek ze met het brood-kruidenmengsel. Dit kun je eventueel van tevoren doen, zodat je hem later alleen nog een half uur in de oven hoeft te zetten. Dek de schaal af met aluminiumfolie en zet eventueel tot een half uur voor etenstijd in de koelkast. Zorg dan wel dat het broodkruimmengsel is afgekoeld!
    3. Meng ondertussen de knoflook, resterende citroensap en citroenrasp, rozemarijn, peterselie en de Spaanse peper in een schaaltje. Roer de walnotenolie erdoor tot het dikke substantie is en maak eventueel op smaak met zout. Bewaar de dressing tot gebruik op kamertemperatuur.
    4. Bak de vis in in 25-30 min. in een voorverwarmde oven op 200 graden Celsius. Haal eventueel de laatste 5 à 10 minuten het folie eraf om een knapperig korstje te krijgen.
    5. Sprenkel de dressing over de gare kabeljauwfilets of serveer hem er apart bij, zodat ieder naar smaak kan toevoegen.

    Serveren

    Erg lekker bij de Toscaanse bietjessalade met walnoten – dit recept vind je hier.

    foto 2 Oeps, en toen vergat ik een goede foto te maken van de schaal zoals hij op tafel kwam!

    Berichtnavigatie